Liberaal Joodse Gemeente Gelderland, progressief en gastvrij.

16 december 2018 | 8 Tevet 5779

PESACH 2018/5778

PESACH 2018/5778

 Uit de Hagada

Op vrijdagavond 30 maart begint Pesach met de rituele maaltijd, de seider, waarin het overijlde begin van de uittocht uit Egypte wordt herdacht. Een belangrijke episode in de seidermaaltijd is het expliciet noemen van de symbolische ingrediënten: het pesachoffer, de matsa en het maror kruid. In de Hagadasjel Pedsach (de gids tijdens de seider) staat (onder 11 in de Hagada van het Nederlands Verbond voor Progressief Jodendom) ‘Rabban Gamliël zei altijd: “Wie op Pesach niet de volgende drie zaken noemt heeft niet aan zijn verplichting voldaan, namelijk het pesachoffer, de matsa en de maror”’. Een enkele aantekening bij deze drie zaken.

Iets over Gamliël  Er waren twee belangrijke Gamliëls, grootvader en kleinzoon. De kleinzoon Gamliël leefde eind eerste eeuw Westerse jaartelling en was na Romeinse verwoesting van Jeruzalem in 70 AD belangrijk voor de voortzetting van het jodendom in de zogenaamde school van Javné. 
Grootvader Gamliël leefde tegen het midden van de eerste eeuw en stierf voor de verwoesting; hij stond als lid van het Sanhedrin bekend om zijn wijsheid en geleerdheid. Hij was de leraar van de apostel Paulus (zoals vermeld in het boek Handelingen 22:3). Misschien is hij wel de Gamliël van de Haggada, omdat de titel Rabban vooral met hem wordt geassocieerd.
Iets over de betekenis van de naam. Gamliël betekent officieel God beloont mij, van het werkwoord gamal = belonen. Maar volgens mij is het ook aanvaardbaar Hebreeuws om te lezen: gam li Eel, ook voor mij is God, de Eeuwige is er ook voor mij, ietsje ruimer met het oog op hen die moeite hebben met het Godswoord: ook ik heb deel aan universele bron, ook voor mij is er in beginsel een plek in de schepping ingeruimd. En als het voor mij geldt dan ook voor u en voor jou en voor jou en voor ons allen. ‘Iedereen is van de wereld en de wereld is van iedereen’, zoals Thé Lau zong, om er eens een modern geluid bij te halen.

Pesachoffer gesymboliseerd door het botje op de seiderschotel. Pesach komt van het werkwoord "pasach", dat pas later "overslaan om te ontzien" is gaan betekenen; oorspronkelijk betekent het huppelen van het ene been op het andere, hinkelen of hinken. Volgens Martin Buber kan het geduid hebben op de oorspronkelijke rituele reidans van de herders in de lente; "chag" = "feest" betekent ook oorspronkelijk reidans. Nu duidt het op het overslaan door de mal'ach ha-mawet (doodsengel) van de joodse huizen. Het pesachoffer is in belang zeer verminderd sinds de verwoesting van de tempel en het botje wordt niet meer opgetild en getoond.

Matsa Belangrijker in de symboliek en de rituelen is de matsa geworden, het ongezuurde en dus ongerezen brood dat wordt opgetild en getoond.. Alles wat gistproduct is, chameets, dus alles wat de materie doet rijzen, opblaast, vult met lucht, groter maakt, moet uit het huis verwijderd worden. Wat mij aanspreekt is de associatie die via het rijzen gelegd wordt met alles wat in u en mij, in ons, opgeblazen is, arrogantie is, veel belangrijker gemaakt wordt dan het is ten koste van essentiële zaken. 
Kijk om je heen en zie hoe enorm veel zaken worden opgeblazen, windbuilen, gebakken lucht, financiële luchtbellen, die ons naar de economische afgrond brengen. De matsa herinnert mij aan mijn arrogantie, opgeblazen eigenbelang, zelfgenoegzaamheid en roept mij op om te komen tot eenvoud, om aan het ego van Egypte voorbij te gaan naar eenvoud en essentie. 

Maror In Maror, het bittere kruid, zit het woord ‘mar', bitter. Bitter was het lot van de slaven, Sjemot/Exodus begint met het bitter geschrei van de afgebeulde Israelitische dwangarbeiders. Dat steeg toen ten hemel, staat geschreven, maar of het bitter geschrei uit getto's en kampen in later eeuwen ook die hemel bereikte? Je vraagt het je af. Maar goed: laten we maar zeggen: het maror kruid gedenkt de zeeën van tranen en bitterheid van alle eeuwen van slachtoffers van de beul. Op het persoonlijk niveau confronteert het bitterkruid ons ook met onze eigen bitterheid, met onze benauwenis en de onvermijdelijke pijnen, die wij in ons eigen Egypte (Hebreeuws Mitsrajiem) hebben opgedaan. Maar in dat beperkte gebied van benauwenis (mitsrajiem = ook: benauwde plaatsen) blijven leidt uiteindelijk tot niets, er is altijd meer dan dat. Ga ervan uit, dat als je goed luistert je een stem te horen die wijst naar ruimer zicht, een Mozaïsche stem om zo te zeggen, die in het licht van de lente een vernieuwend perspectief opent op een begaanbaar pad naar grotere vrijheid. Daarom dopen wij de maror in de heerlijke zoete vruchten- en notenpasta, de charoset, het zoet helpt het bitter te dragen en loopt vooruit op het deel aan blijdschap om het leven, waarop in beginsel ieder recht heeft.

Pesach sameach, vrolijk Pasen 

 

Nieuws

Parasjat Wajigasj Beresjiet/Genesis 44:18 - 47:2 In de parasja Wajigasj (Hij naderde) vindt dan eindelijk de verzoening plaats tussen Joseef en zijn broers. De machtige onderkoning eist als sanctie op de zogenaamde diefstal door Binjamien van een kostbare bokaal (zie vorige parasja) de jongen als slaaf op; benieuwd is de nog niet als zodanig herkende Joseef over wat de reactie van de broers zal zijn. Lees meer >>
Via de site van Sja'ar kunt u boeken en cd's aanschaffen Lees meer >>

december

  • <  
  •   >
z m d w d v z
 
 
 
 
 
 
1
 
2
 
3
 
4
 
5
 
6
 
7
 
8
 
9
 
10
 
11
 
12
 
13
 
14
 
15
 
16
 
17
 
18
 
19
 
20
 
21
 
22
 
23
 
24
 
25
 
26
 
27
 
28
 
29
 
30
 
31